Met één herexamen heb je een studeeropdracht. Met vier heb je een planningsprobleem, en dat is iets anders.
Het verschil merk je pas als het misgaat. Leerlingen met vier vakken in de tweede zit beginnen vaak enthousiast, verdelen hun zomer netjes in vier gelijke stukken, en komen er halverwege augustus achter dat één vak veel meer tijd vraagt dan gepland. Dan gaat alles schuiven, en de laatste twee weken worden een aaneenschakeling van paniekbeslissingen.
De oplossing is niet harder werken. Het is vooraf beslissen waar je tijd het meest waard is.
Niet elk vak levert evenveel op per uur
Dit is het punt waar de meeste planningen op stuklopen: uren zijn niet uitwisselbaar tussen vakken.
Zet je vakken in drie groepen.
Vlak eronder, één duidelijk gat. Je zat rond de grens en je weet welk hoofdstuk het brak. Dit soort vak is soms in drie of vier dagen te repareren. Het rendement per uur is hier het hoogst van allemaal.
Ruim eronder, maar de basis staat. Je begrijpt het vak wel, je had het gewoon niet af of niet goed genoeg gestudeerd. Reken op twee weken, met een normale aanpak.
De basis wankelt al langer. Dit is het vak waar je al in het derde jaar afhaakte en waar het sindsdien alleen erger werd. Hier is geen snelle winst. Reken op drie weken minimaal, en accepteer dat je een deel van je zomer hieraan kwijt bent.
Verdeel je tijd naar die groepen, niet gelijk. Een vak uit de eerste groep dat je twee weken geeft, is twee weken die je uit de derde groep hebt weggenomen waar je ze hard nodig had.
Begin bij de data, niet bij vandaag
Zet alle examendata op één blad. Tel de dagen ertussen.
En werk dan achteruit. Het vak dat op 20 augustus valt, moet rond 18 augustus in herhalingsfase zitten, dus de echte leerfase moet daarvoor klaar zijn. Het vak dat op 28 augustus valt, heeft nog ruimte.
Dat betekent niet automatisch dat je met het vroegste vak begint. Als dat vak in de eerste groep valt en snel te repareren is, is het slimmer om eerst aan het zware vak te beginnen en het snelle vak strak voor zijn datum te plannen. Zo krijgt het zware vak de lange aanloop die het nodig heeft.
Wat wel altijd geldt: elk vak moet in de laatste twee dagen voor zijn examen nog één keer terugkomen. Zet die blokken eerst in je planning, voor je de rest invult. Ze zijn niet onderhandelbaar.
Twee vakken per dag werkt beter dan één
Een hele dag aan één vak voelt grondig en is het meestal niet. Na een uur of anderhalf zakt je concentratie, en het tweede uur aan hetzelfde vak levert veel minder op dan het eerste.
Twee blokken van een uur aan twee verschillende vakken, met pauze ertussen, geeft je twee eerste uren in plaats van één eerste en één tweede. Dat is bij gelijke tijd merkbaar meer.
Eén voorwaarde: wissel tussen verschillende soorten. Wiskunde en Frans na elkaar werkt. Frans en Engels na elkaar werkt minder goed, want ze gebruiken hetzelfde soort geheugen en gaan door elkaar lopen.
De valkuil van het vak dat je leuk vindt
Iedereen doet dit, en het is de moeite om het bewust tegen te gaan.
Van de vier vakken is er meestal één dat je eigenlijk wel oké vindt. Dat is het vak waar je het gemakkelijkst aan begint, waar je het langst aan blijft zitten, en dat aan het eind van augustus veruit het best voorbereid is.
Het is ook meestal niet het vak dat je het hardst nodig hebt.
Praktisch: begin je dag met het vak dat je het minst graag doet. Niet uit karakteropbouw, maar omdat je er 's ochtends nog energie voor hebt en omdat je het anders elke dag opnieuw doorschuift.
Zomer is niet alleen studeertijd
Vier herexamens betekent niet dat je hele vakantie op is. Dat is een misverstand dat mensen ongelukkig maakt en dat de resultaten niet verbetert.
Drie tot vier uur echt geconcentreerd werken per dag is voor de meeste mensen de bovengrens. Wat je daarboven doet, is meestal aanwezigheid en geen studeren. Wie zichzelf acht uur oplegt, houdt dat een week vol, wordt daarna moe en somber, en verliest in de derde week meer dan hij in de eerste won.
Plan dus expliciet vrije dagen in. Niet als beloning maar als onderdeel van het plan. En plan minstens één week waarin je helemaal niets doet, ergens in het midden, mits je data dat toelaten.
Herhalen zit in je planning, niet in je goede bedoelingen
Bij één vak kan je nog wegkomen met alles op het eind nog eens doornemen. Bij vier vakken lukt dat niet: er is simpelweg niet genoeg tijd op het einde.
Zet herhaling daarom als aparte blokken in je schema, verspreid. Een vak dat je in week één afwerkt, komt terug in week twee en nog eens in week drie, telkens kort. Twintig minuten volstaat als je actief ophaalt in plaats van herleest.
Dat voelt inefficiënt, want je zou die tijd ook aan een nieuw hoofdstuk kunnen besteden. Maar leerstof die je drie weken laat liggen en dan pas terugziet, moet je grotendeels opnieuw leren. Dan ben je duurder uit.
Hoe zo'n week er concreet uitziet
Abstract advies over verdelen helpt weinig, dus hier is een week zoals hij er in de praktijk uitziet. Stel: vier vakken, waarvan wiskunde het zware is, chemie middelmatig, en Frans en geschiedenis vlak onder de grens.
Ochtend, een uur: wiskunde. Elke dag, zonder uitzondering, en als eerste omdat het het zwaarste is. Dit is het vak dat de lange aanloop nodig heeft.
Late ochtend, een uur: wisselend. Maandag en donderdag chemie, dinsdag en vrijdag Frans, woensdag geschiedenis. Zo raakt elk vak minstens één keer per week aan, en de twee makkelijkste vakken krijgen niet meer dan ze nodig hebben.
Namiddag: vrij. Echt vrij, niet "ik zou eigenlijk nog moeten". Wie 's namiddags doorwerkt uit schuldgevoel, is 's avonds te moe om iets te doen dat hem energie geeft, en begint de volgende ochtend met minder.
Eén avondblok van twintig minuten: ophalen wat je die dag deed, zonder cursus. Dat kost bijna niets en het is het verschil tussen leerstof die blijft hangen en leerstof die je over twee weken opnieuw moet leren.
Zaterdag: herhaling van de hele week, alle vakken kort. Zondag: niets.
Dat is ongeveer twaalf uur echt werk per week. Het lijkt weinig tegenover de zeven weken zomer die je hebt, en het is meer dan de meeste leerlingen met vier herexamens uiteindelijk halen, omdat het vol te houden is.
Wanneer je moet toegeven dat het er niet allemaal in zit
Soms is de rekensom gewoon te krap. Vier zware vakken en drie weken tijd gaat niet.
Als je daar zit, is het beter dat je het nu weet dan op 25 augustus. Kijk per vak naar wat een tekort concreet betekent. In het secundair hangt dat af van het vak, het aantal uren en hoe je klassenraad ernaar kijkt. In het hoger onderwijs hangt het af van studiepunten, van of je nog kan tolereren, en van wat het doet met je studievoortgang.
Praat erover met iemand die de regels kent: je titularis, het CLB, of in het hoger onderwijs je studietrajectbegeleider. Niet omdat er een truc bestaat, maar omdat een geïnformeerde keuze om je energie op drie vakken te zetten bijna altijd beter uitpakt dan vier half voorbereide examens.
Nog dit
Je gaat hier doorkomen. Maar ik ga niet doen alsof een tweede zit erbij hoort, en al helemaal niet alsof vier ervan normaal is. We zijn de tweede zit in Vlaanderen zo gewoon gaan vinden dat leerlingen er in het eerste semester al mee rekenen, en dat is precies wat een jaar zwaar maakt: je doet alles één keer half, en in augustus nog eens over.
De echte winst van deze zomer is niet dat je vier examens haalt. Ze is dat je in oktober weet dat één vak dat je meteen aanpakt goedkoper is dan vier vakken die je in augustus repareert.
Voor de aanpak per vak staan er aparte plannen klaar: wiskunde, Frans, chemie, fysica, biologie, Engels, Nederlands, Latijn, economie en boekhouden.
De algemene aanpak staat in herexamen of tweede zit voorbereiden, en voor het plannen zelf is studieplanning maken het nuttigst. Wie er alleen niet uitkomt: onze docenten helpen ook tijdens de tweede zit.
Is de zomer voorbij en het herexamen achter de rug, dan is de vraag wat er in de weken erna nog wegzakt. Wat er echt verdwijnt in twee maanden, en hoe weinig het kost om dat op te vangen, staat in leerverlies in de zomervakantie.