Terug naar de blog
toelatingsexamenleerstofhoger onderwijsexamenswiskundeVlaanderen

Leerstof toelatingsexamen arts en tandarts: wat erin staat en waar je begint

Louis Vanhove9 min lezen

Ik heb ooit een leerling terugbetaald voor een les over goniometrische identiteiten. Ik had ze vijf jaar niet meer aangeraakt, en toen ik de oefeningen zelf probeerde, ging het niet vlot genoeg om hem echt verder te helpen. Wat ik kon aanbieden, was oppervlakkig. Dat was niet wat hij nodig had.

De eerste wiskundevraag van het toelatingsexamen arts 2026 vroeg om tan(2α), als je weet dat sin α = 4/5. Een verdubbelingsformule, uit precies het hoekje leerstof waar ik toen tekortschoot.

Daarom dit stuk. Het leerstofoverzicht is geen leeslijst om van voor naar achter door te werken, het is een checklist om je eigen gaten mee te vinden. Zo gebruikt, vertelt het je binnen een week waar je tijd naartoe moet.

Snel antwoord: Het leerstofoverzicht van het toelatingsexamen arts en tandarts staat op vlaanderen.be en dekt wiskunde, fysica, chemie en biologie uit de tweede en derde graad van de doorstroomfinaliteit. Elk vak telt 10 van de 40 vragen. Op de dag krijg je een formularium, een periodiek systeem en een eenvoudig rekentoestel. Een fout antwoord kost 1 punt.

Waar vind je het leerstofoverzicht van het toelatingsexamen arts?

Op de officiële pagina van de Vlaamse overheid, als pdf met de titel Leerstofoverzicht KIW 2026. KIW staat voor Kennis en Inzicht in de Wetenschappen, het ochtendgedeelte van het examen. Hetzelfde overzicht geldt voor arts, tandarts en dierenarts, en het zit ook in het werkings- en examenreglement dat op dezelfde pagina staat.

Op 11 september 2026 stond er nog geen overzicht voor 2027 online. Tot dat verschijnt, is de versie van 2026 de beste gids die er is. Kijk bij je inschrijving wel na of er intussen een nieuwere versie staat, want alleen die telt.

Twee zinnen uit de inleiding van het overzicht wegen zwaarder dan ze lijken.

De lijst is een minimum. Naast de opgesomde leerinhouden "moeten alle eindtermen van wiskunde, fysica, chemie en biologie die behoren tot de basisvorming in de doorstroomfinaliteit, gekend zijn." Wat niet op de lijst staat, is dus niet automatisch buiten de leerstof.

Vragen combineren. "Een enkele vraag kan twee of meer elementen uit de leerstof combineren waarbij het aan de deelnemer is om de juiste verbanden te leggen." Een onderdeel apart kennen volstaat niet. Je moet ook zien wanneer je het nodig hebt.

Hoeveel vragen per vak telt het toelatingsexamen arts?

Het ochtendgedeelte telt 40 meerkeuzevragen, tien per vak: wiskunde, fysica, chemie en biologie (artikel 27 van het reglement). Elke vraag heeft vier antwoordmogelijkheden waarvan er één juist is, en je krijgt er 3,5 uur voor.

In de namiddag volgt Generieke Competenties, anderhalf uur, met nog eens 40 vragen: 15 over empathie en communicatie, en 25 over een korte wetenschappelijke tekst rond een gezondheidsthema. Daar hoort geen leerstofoverzicht bij, dus de rest van dit stuk gaat over de ochtend.

Wat staat er per vak in het leerstofoverzicht?

Vak Hoofdstukken in het overzicht Genummerde leerpunten Vragen op het examen
Wiskunde algebra, meetkunde, analyse, kansrekening en statistiek 25 10
Fysica druk, gaswetten en warmteleer, elektrostatica, elektrodynamica, elektromagnetisme, kernfysica, kinematica, dynamica, trillingen en golven, geluid 94 10
Chemie basiskennis, atoomstructuur en periodiek systeem, chemische binding, chemisch rekenen, chemische kinetiek, chemisch evenwicht, zuren en basen, redoxreacties, koolstofchemie 64 10
Biologie de cel, celorganellen, stof- en energieomzettingen, celvermeerdering, erfelijkheid, moleculaire genetica, menselijke voortplanting, immuniteit, prikkels ontvangen en verwerken, evolutie 43 10

De laatste twee kolommen naast elkaar zijn het interessantste van de hele pdf. Elk vak weegt even zwaar, tien vragen, maar fysica telt bijna vier keer zoveel leerpunten als wiskunde. Niemand belooft dat de vragen gelijkmatig over de lijst verdeeld zijn. Het zegt wel iets over je risico: bij wiskunde kost één gat je sneller een hele vraag, bij fysica moet je breder zijn om dezelfde tien vragen te dekken.

Wiskunde. Algebra loopt tot matrices (optellen, vermenigvuldigen, machten, transponeren). Meetkunde bevat de goniometrische formules: grondformule, som- en verschilformules en verdubbelingsformules. Analyse gaat over afgeleiden en integralen, met substitutie en partiële integratie, ook voor cyclometrische functies. Kansrekening gaat tot en met de normale verdeling.

Fysica. Tien hoofdstukken, van druk tot geluid. Dynamica is met 22 leerpunten het grootste blok van het hele overzicht. Elektrostatica gaat tot krachten en velden van maximaal vier puntladingen "in eenvoudige geometrische configuraties".

Chemie. Van atoombouw en binding tot evenwichten, zuren en basen, redox en koolstofchemie. Chemisch rekenen telt maar vijf leerpunten, en toch rekent de rest erop. Als de mol niet automatisch gaat, kost elke opgave tijd.

Biologie. Van de cel en haar organellen via erfelijkheid en moleculaire genetica tot immuniteit, prikkelverwerking en evolutie.

Welk niveau wiskunde vraagt het toelatingsexamen?

Volgens het reglement is de leerstof afgestemd op wiskunde, fysica, chemie en biologie "zoals die in de tweede en de derde graad van de doorstroomfinaliteit van het secundair onderwijs in Vlaanderen aan bod komen." Welke richting je volgde, zegt dus niet alles. Wat telt, is wat er op de lijst staat en of jij het gezien hebt.

Leg het overzicht naast je cursussen uit de derde graad en geef elk leerpunt een van drie labels: kan ik, ooit gekend maar weggezakt, nooit gezien.

Begin bij het derde label. Kijk daarbij extra goed naar matrices (1.1.8), cyclometrische functies (1.3.1), substitutie en partiële integratie (1.3.4), de normale verdeling (1.4.5 en 1.4.6), kernfysica (2.6) en redoxreacties (3.8). Hoe diep die in jouw lessen aan bod kwamen, hangt af van je richting en je school, en je wil dat in september weten, niet in juni.

Het tweede label is verraderlijker. Daar zat ik bij die leerling: ooit gekend, jaren niet gebruikt. Het voelt als kennen, en onder tijdsdruk is het dat niet. De goniometrie en afgeleiden en integralen zijn de typische kandidaten voor dat label.

Krijg je een formularium op het toelatingsexamen?

Ja. Artikel 37 van het reglement somt op wat de organisator voor elke deelnemer voorziet: het werkboek met de vragen, het antwoordformulier, "de informatiebundel met het formularium, periodiek systeem" en "een eenvoudig rekentoestel". Op je tafel mag verder alleen je identiteitskaart, je uitnodigingsbrief, een doorzichtig flesje water zonder etiket en eventuele medicatie zonder verpakking liggen. Je eigen rekenmachine blijft thuis.

Wat er precies in dat formularium staat, lees je niet vooraf in de gepubliceerde examenboeken van 2026. Die bevatten alle vragen en de antwoordsleutel, maar het formularium zit er niet bij.

Behandel het dus als naslag en niet als geheugen. Je hebt 3,5 uur voor 40 vragen, iets meer dan vijf minuten per vraag, en elke formule die je moet opzoeken, gaat van die vijf minuten af. Bovendien herken je pas dat je een formule nodig hebt als je ze kent.

Hetzelfde geldt voor het rekentoestel: reken niet op de functies van een grafisch rekentoestel. Wie in de klas nulpunten of integralen door zijn toestel liet uitrekenen, moet dat hier met de hand kunnen.

Hoe werkt de giscorrectie op het toelatingsexamen?

Artikel 49 van het reglement is kort: een juist antwoord levert 3 punten op, een open vraag 0, een fout antwoord kost 1 punt. Met vier antwoordmogelijkheden per vraag geeft dat deze rekensom.

Wat je zeker weet Gemiddelde opbrengst als je gokt
Niets, vier opties blijven over 0 punten
Eén optie is zeker fout ongeveer +0,33 punt
Twee opties zijn zeker fout +1 punt

De regel die daaruit volgt: gok als je minstens één optie met zekerheid kan schrappen, laat open als je echt niets weet. Het woord dat telt, is zeker. Een optie schrappen omdat ze er vreemd uitziet, is geen schrappen, en bij meerkeuze zit er vaak net een optie tussen die klopt met een veelgemaakte denkfout.

Moet je voor elk vak de helft halen?

Nee. Het examen staat op 240 punten, 120 voor de wetenschappen en 120 voor de generieke competenties, en volgens artikel 48 moet je op elk van die twee onderdelen minstens de helft halen. Binnen de wetenschappen geldt die grens niet per vak.

Elk vak is maximaal 30 punten waard (tien vragen van drie punten). Een zwak vak kan je dus opvangen met de andere drie. Dat is een geruststelling en geen strategie, want je score telt daarna nog een tweede keer.

Slagen en een plaats krijgen zijn namelijk twee verschillende dingen. Als meer deelnemers slagen dan het startquotum dat de Vlaamse Regering vastlegt, bepaalt de examencommissie een cesuur, en alleen wie met zijn totaalscore daarboven zit, wordt gunstig gerangschikt (artikel 54). Elk punt telt dus, ook in je sterkste vak.

Hoe ik het overzicht zou gebruiken

Toen ik in 2020 zelf bijles wiskunde nodig had, deed mijn tutor niets spectaculairs. Die luisterde vooral, liet me opgaven maken en zocht uit waar mijn misvattingen zaten, en die hebben we één voor één rechtgezet. Ik werk in mijn eigen lessen nog altijd zo, en voor dit examen zou ik niets anders doen.

Concreet: download het examenboek KIW van 2026 en maak de tien wiskundevragen in iets meer dan vijftig minuten, zonder iets op te zoeken. Zet bij elke fout het nummer van het leerpunt uit het overzicht. Doe daarna hetzelfde met fysica, chemie en biologie.

Na één examenboek heb je geen vaag gevoel meer dat fysica je zwakke vak is, maar een lijstje met nummers. Dat lijstje is je plan. Hoe je het daarna in fasen verdeelt en hoe je een oefenexamen per fout nakijkt, staat in een toelatingsexamen voorbereiden, en waarom oude examens hier zoveel meer opleveren dan een samenvatting, in oude examens gebruiken.

Eén eerlijke kanttekening: ik geef zelf wiskunde, geen biologie of chemie. Voor die vakken zoek je beter iemand die er dagelijks mee werkt.

Staan er na dat eerste examenboek vooral wiskunde- of fysicanummers op je lijst, dan gaat het sneller met iemand die het examenformaat kent dan met nog een samenvatting. Kijk bij bijles wiskunde, bijles fysica of bijles chemie, of kies zelf een docent op niveau en prijs. Begin met het examenboek. Vandaag nog.