Terug naar de blog
Engelsschrijvenformeelsecundair onderwijsexamensVlaanderen

Formeel Engels schrijven: het register dat je van series niet leert

Louis Vanhove7 min lezen

Engels is voor veel Vlaamse leerlingen het vak waar het gevoel en het resultaat het verst uit elkaar liggen. Je begrijpt alles, je praat vlot, en op een schrijfopdracht staat er een zeven.

De verklaring is bijna altijd hetzelfde: je hebt de taal geleerd in een register dat niet getest wordt.

Waar je Engels vandaan komt, bepaalt hoe je schrijft

Wie zijn Engels grotendeels van media heeft, bouwt drie dingen op: een grote passieve woordenschat, een goed gevoel voor wat natuurlijk klinkt, en een informeel register.

Dat derde is het probleem. Series, games en YouTube zijn gesprekken. Ze gebruiken samentrekkingen, alledaagse woorden, en korte losse zinnen. Dat is uitstekend Engels voor die context.

Een schrijfopdracht op school vraagt het tegenovergestelde: volledige vormen, precieze woorden, en zinnen die op elkaar aansluiten. Dat is geen willekeurige schoolse eis. Het is het register waarin je later een sollicitatiebrief, een verslag of een academische tekst schrijft.

De tien vervangingen die het meest opleveren

Register verander je niet door moeilijker te schrijven. Je verandert het door een beperkt aantal gewoontes te vervangen.

Samentrekkingen voluit. Don't wordt do not, it's wordt it is, can't wordt cannot. Dit alleen al tilt de toon van je hele tekst.

Vage werkwoorden vervangen. Get is het duidelijkste voorbeeld: afhankelijk van de zin wordt het receive, obtain, become of acquire. Ook do, make en go hebben in een formele tekst bijna altijd een preciezere tegenhanger.

Vage hoeveelheden concreet maken. A lot of wordt a significant number of of considerable. Stuff en things worden benoemd: materials, factors, issues.

Informele woorden vervangen. Kids wordt children, guy wordt man of person, big wordt significant of substantial.

Geen aanspreking van de lezer, tenzij het een brief is. In een essay hoort geen "you can see that", wel "it can be seen that" of gewoon de bewering zelf.

Maak van die vervangingen een lijstje van tien paar en leer ze zoals woordenschat. Dat is een half uur werk en het is het rendabelste half uur voor dit onderdeel.

Structuur weegt zwaarder dan stijl

Leerlingen denken dat er beoordeeld wordt op mooi schrijven. In de praktijk telt structuur zwaarder, en structuur is aanleerbaar.

Elke formele tekst heeft dezelfde bouw: een inleiding die zegt waar het over gaat en welk standpunt je inneemt, een middenstuk waarin elke alinea één punt behandelt, en een slot dat afrondt zonder alles te herhalen.

De meest gemaakte fout is de alinea die drie dingen tegelijk doet. Eén alinea, één punt, met een openingszin die zegt wat er komt.

En gebruik verbindingswoorden bewust: however, moreover, therefore, in contrast, consequently. Ze maken je redenering zichtbaar voor wie verbetert. Dezelfde inhoud zonder die woorden leest als een reeks losse beweringen.

Per tekstsoort verschilt wat er gevraagd wordt

Kijk altijd eerst wat voor tekst er gevraagd wordt, want dat bepaalt de vorm en het wordt het vaakst genegeerd.

Een formele brief of e-mail. Vaste opening en afsluiting, een duidelijke reden in de eerste alinea, en een concrete vraag of actie in de laatste. Dear Sir or Madam gaat samen met Yours faithfully; Dear Mr Smith met Yours sincerely.

Een essay of opiniestuk. Standpunt in de inleiding, argumenten met onderbouwing, en idealiter een tegenargument dat je weerlegt. Dat laatste levert punten op en wordt zelden gedaan.

Een verslag of review. Feitelijk, gestructureerd met kopjes of duidelijke alinea's, en met een aanbeveling aan het eind.

Een uitstekend geschreven essay wanneer er een brief gevraagd werd, verliest meer punten dan een middelmatige brief. Onderstreep dus in de opdracht wat voor tekst het moet zijn, hoe lang, en voor wie.

De fouten die vlotte sprekers maken

Er is een categorie fouten die juist voorkomt bij leerlingen die goed Engels spreken, en ze is te herkennen.

De derde persoon enkelvoud. He go in plaats van he goes. Dat gebeurt niet uit onwetendheid maar omdat je op tempo schrijft en die -s in spraak makkelijk wegvalt.

Present perfect en past simple. Voor Nederlandstaligen lastig omdat het Nederlands die grens anders trekt. I lived in Gent for three years en I have lived in Gent for three years zeggen iets verschillends over of je er nog woont.

Valse vrienden. Actueel is niet actually, eventueel is niet eventually, en controleren is niet to control. Die drie komen op examens terug precies omdat iedereen erin trapt.

Nederlandse zinsbouw. Vooral bij langere zinnen sluipt de Nederlandse woordvolgorde erin. Kort houden is hier het beste tegengif.

Zinnen bouwen die niet ontsporen

Een terugkerend patroon bij vlotte sprekers: de ambitieuze zin die halverwege vastloopt.

Je begint aan iets met twee bijzinnen erin omdat het rijker klinkt, en tegen het einde klopt de constructie niet meer met waar je aan begon. In spraak merkt niemand dat, want je herformuleert gewoon. Op papier blijft het staan.

Wat helpt is banaal: hou je zinnen kort en variëer de lengte bewust. Twee korte zinnen na elkaar en dan één langere leest beter dan drie middellange, en het risico op een ontspoorde constructie is veel kleiner.

Twee dingen die daarnaast veel schelen.

Begin een alinea niet met een verbindingswoord dat nergens naar terugverwijst. However aan het begin van een alinea moet iets tegenspreken dat er echt stond. Leerlingen gebruiken die woorden soms als versiering, en dan valt de logica juist op.

Zet de kern van je zin vooraan. Engels is directer dan het Nederlands: eerst wat je beweert, dan de nuance. Wie de Nederlandse gewoonte volgt om eerst alle voorbehouden te maken, schrijft zinnen die pas op het einde iets zeggen.

En als je twijfelt of een constructie klopt: schrijf hem anders. Een correcte eenvoudige zin scoort altijd hoger dan een ambitieuze zin waarvan de grammatica niet zeker is. Dat is geen zwaktebod, dat is precies wat een geoefend schrijver doet.

Nalezen in rondes

Vijf minuten reserveren aan het eind, en gericht lezen in plaats van alles tegelijk.

Ronde één: alle werkwoordstijden. Ronde twee: alle meervouden en de derde persoon enkelvoud. Ronde drie: de woorden waar je tijdens het schrijven over twijfelde.

Wie in één keer op alles let, let in de praktijk op niets. Dit is dezelfde regel als bij Nederlands, en bij Engels is ze even veel waard.

En één extra controle die weinig kost: staat er ergens nog een samentrekking? Die zijn makkelijk te vinden en het is zonde om punten te verliezen aan iets dat je met de zoekfunctie zou vinden.

Plan tien minuten voor je begint

Bij een schrijfopdracht op examen is de verleiding groot om meteen te beginnen, want de tijd loopt.

Tien minuten planning verdient zich altijd terug. Schrijf op: welk tekstsoort, voor wie, welk standpunt neem ik in, en welke drie punten maak ik in welke volgorde. Meer niet, in steekwoorden.

Wie zonder plan begint, merkt halverwege dat punt twee eigenlijk voor punt één had gemoeten, en herstructureren onder tijdsdruk kost meer dan die tien minuten.

Verdeel je tijd daarna bewust. Bij een uur voor een schrijfopdracht: tien minuten plannen, vijfendertig schrijven, en vijf tot tien nalezen. Dat laatste blok wordt het vaakst opgeofferd en het levert per minuut het meeste op, want een spelfout wegnemen kost seconden en een extra zin schrijven levert zelden punten.

En hou je aan je plan, ook als je halverwege een beter idee krijgt. Een tekst die één punt goed maakt, scoort hoger dan een tekst die twee punten half maakt omdat je van gedachten veranderde.

Tot slot

Het goede nieuws bij dit onderdeel is dat het snel te repareren is. Je kennis is er, je woordenschat is groot, en wat ontbreekt is een register en een structuur. Dat zijn allebei dingen die je in twee weken kan aanleren.

Wat je daarbij helpt: schrijf drie volledige opdrachten en laat ze nakijken door iemand die je patroonfouten kan aanwijzen. Dat laatste is het enige deel dat je alleen niet kan, want je leest je eigen tekst als schrijver en niet als lezer.

De volledige aanpak per onderdeel, ook zonder herexamen, staat in tweede zit Engels. Voor het actief maken van woordenschat, wat hier de basis onder is, staat er meer in woordenschat leren. En schrijf je een langere opdracht met bronnen, dan staat die structuur in een taak of werkstuk schrijven.

Veelgestelde vragen

Waarom scoort mijn Engels lager op schrijfopdrachten dan ik verwacht?

Meestal door het register. Wie zijn Engels van series, games en YouTube heeft, schrijft informeel: samentrekkingen, alledaagse woorden, korte losse zinnen. Dat is prima Engels en het is niet wat een schrijfopdracht vraagt, want daar wordt formeel taalgebruik en structuur beoordeeld.

Wat zijn de belangrijkste dingen om te vervangen?

Samentrekkingen voluit schrijven, alledaagse werkwoorden vervangen door precieze, en vage hoeveelheidswoorden vervangen door concrete. Get wordt receive of obtain, a lot of wordt a significant number of, kids wordt children. Tien van die paren kennen verandert de toon van je hele tekst.

Hoe lang moet een essay of brief zijn?

Zoveel als er gevraagd wordt, en liever iets minder dan te veel. Lengte levert geen punten op; correctheid en structuur wel. Tien zinnen die kloppen scoren beter dan twintig waarvan de helft gokwerk is, en dat geldt sterker naarmate je onzeker bent over de grammatica.

Waar let een verbeteraar op?

Meestal op vier dingen: of je doet wat er gevraagd werd, of de structuur helder is, of het register klopt, en of de grammatica correct is. Dat eerste wordt het vaakst onderschat: een goed geschreven tekst van het verkeerde type verliest meer punten dan een middelmatige tekst van het juiste type.

Hoe controleer ik mijn tekst als ik weinig tijd heb?

Gericht en in rondes. Eerst alle werkwoordstijden, dan alle meervouden en de derde persoon enkelvoud waar de -s sneuvelt, dan de spelling van woorden waar je twijfelde. Alles tegelijk nalezen is in de praktijk niets nalezen.