Terug naar de blog
muziekschoolDKOacademieplanningoudersVlaanderen

Muziekschool naast het secundair: wanneer het te veel wordt

Louis Vanhove7 min lezen

De academie is voor veel gezinnen het eerste dat sneuvelt wanneer school zwaarder wordt. Dat is begrijpelijk en het is niet altijd de juiste beslissing.

Wat ik hierover zou zeggen, is grotendeels hetzelfde als over sport: waar het misgaat, ligt zelden aan de totale hoeveelheid tijd.

Reken één keer eerlijk uit wat het kost

De meeste conflicten hierover ontstaan doordat er bij de start alleen naar de lesuren gekeken is.

Naast de les komt er dagelijkse oefentijd bij, en die is bij een instrument geen optie maar de kern: wie niet oefent, gaat niet vooruit, en wie niet vooruitgaat, verliest de zin. Daar komt verplaatsing bij, en periodes met optredens, examens of extra repetities.

Tel dat één keer op met je kind erbij. Niet om het te ontmoedigen, maar omdat een realistisch beeld het gesprek verandert. Wie weet dat het vijf uur per week is, plant daar anders omheen dan wie denkt dat het twee uur les is.

Waar het meestal knelt

Drie plekken, en geen van de drie is het totale aantal uren.

De avonden. Academielessen vallen vaak op weekavonden, en dat zijn precies de avonden waarop schoolwerk verwerkt wordt. Twee avonden weg is niet twee uur weg maar twee avonden.

De examenperiodes botsen. De academie heeft haar eigen evaluatiemomenten, en die vallen niet altijd handig ten opzichte van toetsenweken op school.

Oefenen wordt de sluitpost. Wanneer school druk wordt, verdwijnt de dagelijkse oefentijd als eerste. Dat lijkt logisch, en het is precies wat de academie onhoudbaar maakt: zonder oefenen wordt de les frustrerend, en dan verdwijnt de motivatie sneller dan de tijd het vereiste.

Wat er tegenover staat

Voor je iets schrapt, is het de moeite om te benoemen wat het geeft, want in een gesprek over punten wordt dat zelden meegewogen.

Ritme. Vaste lesdagen zetten de week vast, en een week met structuur is een week waarin schoolwerk een plek heeft.

Zichtbare vooruitgang. Bij een instrument merk je binnen weken dat je iets kan wat je vorige maand niet kon. Dat is bij school vaak niet zo, en voor een leerling die het op school moeilijk heeft, is die ervaring belangrijk.

Oefenen als vaardigheid. Wie geleerd heeft om elke dag twintig minuten aan iets te werken dat pas over maanden lukt, heeft precies de gewoonte die studeren vraagt. Dat is overdraagbaar, en het is de reden dat muziekleerlingen vaak beter plannen dan hun klasgenoten.

Een plek buiten school. Waar hij iets is los van zijn rapport.

Dat maakt de academie niet onaantastbaar. Het betekent wel dat schrappen een prijs heeft die niet in uren te meten is.

Als er geminderd moet worden

Bij veel academies is er meer mogelijk dan stoppen of doorgaan. Spreiden over meer jaren, tijdelijk minder vakken opnemen, of een aangepast traject.

Wat er precies kan, verschilt per academie en per opleiding, dus vraag het na bij het secretariaat voor je iets beslist. Doe dat vroeg in het jaar en niet in de examenperiode, want dan zijn de mogelijkheden meestal beperkter.

Wat ik zou afraden, is volledig stoppen als de reden tijdelijk is. Opnieuw beginnen na een jaar is bijna altijd zwaarder dan een jaar op halve kracht: het instrument is achteruitgegaan, de groep is verder, en de drempel om terug te keren is hoog.

Wat je doet als hij niet meer wil oefenen

Dit is het meest voorkomende signaal, en het wordt vaak gelezen als het einde.

Niet willen oefenen is meestal niet hetzelfde als niet meer willen spelen. Er zitten drie dingen onder die elk iets anders vragen.

Het stuk is te moeilijk. Dan is oefenen alleen maar bevestiging dat het niet lukt, en dat houdt niemand vol. Een gesprek met de leerkracht over het niveau lost dat vaak op.

Er is geen zichtbare vooruitgang. Bij een instrument komt er soms een periode waarin het lang duurt voor je iets merkt. Opnemen en na een maand terugluisteren maakt vooruitgang zichtbaar die je van dag tot dag niet hoort.

Wat hij oefent, interesseert hem niet. Dat is een reëel probleem en het is bespreekbaar. Veel leerkrachten zijn bereid om iets van eigen repertoire toe te laten naast wat er moet, en dat is bij tieners vaak het verschil.

Vraag dus door voor je een beslissing neemt, en betrek de leerkracht. Die heeft dit gesprek al honderd keer gevoerd.

Per leeftijd verschuift wat er nodig is

De combinatie is niet op elke leeftijd even zwaar, en het helpt om te weten waar de knelpunten liggen.

Lager onderwijs. Hier is de schoolbelasting laag en past de academie er meestal gewoon bij. Het risico zit elders: kinderen worden op deze leeftijd vaak ingeschreven door hun ouders, en ergens rond het tiende of elfde jaar komt de vraag of ze het zelf willen. Dat gesprek voeren voor de motivatie helemaal weg is, scheelt veel.

Eerste graad secundair. Dit is het zwaarste moment, en het wordt structureel onderschat. De schoolbelasting springt omhoog, er komt verplaatsing bij naar een nieuwe school, en de academie loopt gewoon door. Veel leerlingen haken hier af, niet omdat ze niet meer willen maar omdat er in september niets herbekeken werd.

Tweede en derde graad. Nu wordt het een echte keuze en gaat het over prioriteiten. Wie het tot hier volhield, heeft meestal een reden, en dan is minderen tijdens examenperiodes een betere zet dan stoppen.

Praktisch: herbekijk de combinatie bewust bij elke overgang, en niet pas wanneer het al knelt. Vijftien minuten in september over hoe de week eruitziet, voorkomt de discussie in november.

Wat thuis helpt

Zet oefentijd vast, kort en dagelijks. Twintig minuten per dag doet meer dan twee uur op zondag, en bij een instrument geldt dat nog sterker dan bij schoolwerk. Spieren en gehoor hebben herhaling nodig, niet volume.

Koppel het aan iets dat er al staat. Na het eten, voor het huiswerk. Wat aan een bestaand moment vasthangt, gebeurt vaker dan wat "ergens vandaag" moet.

Laat het horen. Vraag af en toe om iets te spelen, zonder er een evaluatie van te maken. Voor veel kinderen is de enige luisteraar hun leerkracht, en dat maakt van spelen een prestatie in plaats van iets dat je doet.

Bewaak het einde ook. Een kind dat na een slechte oefensessie doorgaat tot het lukt, leert vooral dat oefenen naar wanhoop leidt. Stoppen bij frustratie en morgen opnieuw beginnen, werkt beter.

Notenleer is het onderdeel dat afhaakt

Bij veel leerlingen loopt het niet vast op het instrument maar op het theoretische deel, en dat is de moeite om apart te bekijken.

De reden is bekend: notenleer voelt als school en het instrument voelt als muziek. Een kind dat voor het spelen kwam, krijgt er een vak bij dat lijkt op wat het net achter zich liet.

Wat helpt, is het verband zichtbaar maken. Ritme oefenen op papier is abstract; hetzelfde ritme klappen of spelen op je eigen instrument maakt er iets van dat ergens toe leidt. Vraag de leerkracht of dat kan, want veel van wat in notenleer aangeleerd wordt, is direct toepasbaar op het stuk waar hij mee bezig is.

Praktisch werkt hetzelfde als bij talen: kort en dagelijks. Vijf minuten noten lezen per dag zet meer vast dan een half uur voor de toets, want het is herkennen wat er getraind wordt en dat vraagt herhaling over tijd.

En als het toch blijft schuren: het is de moeite om aan de academie te vragen hoe zwaar dit onderdeel weegt en of er ruimte is om het te spreiden. Voor een leerling die goed speelt en op notenleer vastloopt, is stoppen met alles een dure oplossing voor een deelprobleem.

Als het echt niet meer past

Soms is de rekensom gewoon te krap, en dan is minderen of stoppen een verstandige keuze en geen nederlaag.

Wat ik daarbij zou meegeven: kijk eerst of het schoolprobleem echt een tijdsprobleem is. Als er één vak structureel misloopt, kost dat vaak meer uren en meer energie dan de hele academie, en dan is dat vak bijwerken de ingreep die de week weer haalbaar maakt.

De signalen die dat onderscheid maken, staan in wanneer bijles overwegen. Voor de planning van een volle week is studieplanning maken het nuttigst, en dezelfde afweging voor sport staat in sport en school combineren.

Veelgestelde vragen

Hoeveel tijd kost de academie echt?

Meer dan de lesuren, en dat wordt bij de start onderschat. Naast de lessen komt er dagelijkse oefentijd bij, plus verplaatsing en soms optredens of examens. Tel dat één keer eerlijk op voor je beslist, want de meeste conflicten ontstaan doordat alleen de lesuren meegerekend werden.

Moet mijn kind stoppen als de punten zakken?

Zelden de eerste zet. Muziek levert structuur, een plek buiten school en een vorm van vooruitgang die zichtbaar is, en dat draagt schoolwerk eerder dan dat het eraan trekt. Kijk eerst waar het schoolprobleem zit voor je iets schrapt dat werkte.

Wat als hij niet meer wil oefenen?

Vraag door voor je conclusies trekt. Niet willen oefenen is vaak niet hetzelfde als niet meer willen spelen: het gaat meestal over een stuk dat te moeilijk is, over een gebrek aan zichtbare vooruitgang, of over te weinig plezier in wat er geoefend wordt. Dat is een gesprek met de leerkracht waard.

Kan je een jaar onderbreken?

Bij veel academies bestaat er ruimte om te spreiden of tijdelijk minder op te nemen, en wat er precies mogelijk is verschilt per academie en per opleiding. Vraag het na bij het secretariaat voor je stopt, want stoppen en later opnieuw beginnen is meestal duurder dan tijdelijk minderen.

Helpt bijles als de combinatie te zwaar wordt?

Vaak beter dan schrappen. Als er één schoolvak structureel misloopt, kost dat meer tijd en energie dan de academie, en gericht bijwerken lost het echte knelpunt op. Twee of drie sessies zijn dan meestal genoeg om de week weer haalbaar te maken.